Steun ons en help Nederland vooruit

Inhoud

Een financieel stabiel Europa

Overzicht
Een financieel stabiel Europa

De euro heeft haar bestaansrecht bewezen. Zonder EU en zonder euro was de crisis ook in Nederland nog harder aangekomen. D66 kiest uiteraard voor behoud van de euro, want uit de euro stappen is voor een open economie als de Nederlandse een economisch drama. Tegelijkertijd zouden we inspraak en invloed verliezen, want zoals de gulden gekoppeld was aan de Duitse mark zou ook een nieuwe Nederlandse munt direct gekoppeld worden aan de euro.

Maar de euro kan sterker. Een toekomstbestendige euro vraagt versterking van de eurozone. Grote economische verschillen tussen de eurolanden, grote schulden van enkele lidstaten en een grote verwevenheid tussen overheden en banken vormen nog steeds een risico voor de stabiliteit van alle eurolanden. Om de werking van de eurozone te verbeteren en het vertrouwen te vergroten zijn nieuwe afspraken nodig om de economische integratie binnen de eurozone te versterken. Het is essentieel dat de lidstaten zich aan deze afspraken houden. Deze afspraken moeten daarom helder, overzichtelijk en afdwingbaar zijn. Afdwingbaarheid ontstaat bijvoorbeeld door toekenning van Europese middelen te koppelen aan het nakomen van de gemaakte afspraken. Alleen dan kan binnen de eurozone een geloofwaardig financieel-economisch beleid worden gevoerd. Als een lidstaat, ondanks het volgen van de afspraken, toch in de problemen komt, dan helpen we elkaar. Zo bieden we alle lidstaten een perspectief op duurzame groei.

 

Bankenunie

 

Er zijn grote stappen gezet bij de inrichting van de bankenunie. Er is Europees toezicht en een resolutiemechanisme. Voor de stabiliteit van de financiële sector is het nu belangrijk dat de bankenunie wordt voltooid met de inrichting van een depositogarantiestelsel tot 100.000 euro. Ook is het noodzakelijk dat Europese banken afscheid nemen van oninbare leningen. Om de verstrengeling
van lidstaten en financiële instellingen te verkleinen, willen wij dat de risicoweging van staatsobligaties wordt verbeterd. Banken zullen dan meer kapitaal moeten aanhouden voor obligaties van landen met een hoger risico. Ook de strenge aanpak van witwassen, terrorismefinanciering en andere dubieuze geldstromen hoort wat D66 betreft bij de Europese toezichthouder. Dat verhoogt de effectiviteit en zorgt voor een gelijk speelveld voor financiële instellingen.

Om te voorkomen dat banken in de toekomst vanwege hun omvang een risico voor de financiële stabiliteit worden, willen wij op Europees niveau een bovengrens aan de omvang van een bank. Dit kan door een maximum te stellen aan het balanstotaal, bijvoorbeeld een percentage van het
Europees bbp. Als deze grote banken boven een bepaalde drempel uitkomen, moet de toezichthouder een lager risicoprofiel kunnen eisen.

 

Kapitaalmarktunie

 

Naast de bankenunie moet ook de kapitaalmarktunie worden voltooid. Met beter werkende kapitaalmarkten verkleinen we de afhankelijkheid van banken. Daardoor wordt het gemakkelijker voor mensen en bedrijven om in andere lidstaten te investeren, of om als bedrijf financiering uit andere landen te krijgen. Hierbij is ook een harmonisatie van bijvoorbeeld faillissementswetgeving in de verschillende lidstaten en sterk Europees toezicht passend. Doordat risico’s zo beter worden verdeeld over de eurozone vergroten we de financiële stabiliteit.

 

Begrotingsafspraken

 

De Europese begrotingsafspraken zijn de laatste jaren uitgebreid, om landen ruimte te geven om extra te investeren in moeilijke tijden en buffers op te bouwen in goede tijden. Dit werkt in de praktijk echter onvoldoende. De regels zijn nu zo complex, dat de handhaving en geloofwaardigheid onder druk staan. Wij willen dat de begrotingsafspraken eenvoudiger worden, met een focus op de houdbaarheid van de overheidsschuld en van eventuele groei van overheidsuitgaven.

Daarbij willen wij dat landen in een hoogconjunctuur aan strengere eisen moeten voldoen dan in een laagconjunctuur. De reden daarvoor is dat D66 anticyclisch begrotingsbeleid voorstaat: de teugels iets laten vieren als de economie dat kan gebruiken, maar aantrekken als de economie ook zonder extra overheidsimpulsen al goed draait. Tenslotte moet de handhaving van de regels worden verbeterd. Daarbij past ook dat de ramingen onafhankelijk van de Europese Commissie worden opgesteld.

 

Schokbestendig begroten

 

De Europese samenwerking die we hebben, is opgebouwd vanuit het idee van eigen verantwoordelijkheid in combinatie met onderlinge solidariteit. Daar horen rechten en plichten bij. Bij een betere naleving van de begrotingsregels, wordt het meer verantwoord om risico’s te delen met andere lidstaten. Dat is uiteindelijk in het belang van alle lidstaten. Wij zijn voorstander van een eurozonebegroting, met een anticyclisch karakter om investeringen op peil te houden tijdens een crisis. Deze investeringen dienen de productiviteit te verhogen en lidstaten te ondersteunen bij structurele hervormingen. Bij een dergelijke eurozonebegroting moet wel het parlementaire begrotingsrecht beter worden gewaarborgd, zoals dat bij de reguliere EU-begroting immers ook het geval is. Op termijn past ook risicodeling bijvoorbeeld in de vorm van Eurobonds. Bovenal moet voldoende verzekerd zijn dat alle lidstaten hun overheidsfinanciën en economische beleid op orde houden.

Als lidstaten kampen met onhoudbare schulden, willen wij dat obligatiehouders meebetalen aan het verkleinen van de schuld. Ook willen we dat het huidige Europees Stabiliteit Mechanisme wordt doorontwikkeld naar een Europees Monetair Fonds. Het EMF kan problematische schulden – op basis van een onafhankelijke schuldhoudbaarheidsanalyse – onder voorwaarde van economische hervormingen verminderen. Ook kan het EMF een preventieve rol spelen, door de onafhankelijke handhaving van begrotingsregels en beoordeling van structurele hervormingen onder de controle van het EMF te brengen.

 

Structurele hervormingen

 

Om lidstaten aan te moedigen structurele hervormingen door te voeren, waardoor hun begrotingen toekomstbestendig worden, willen wij hen daarbij financieel ondersteunen. Wij willen dat lidstaten alleen aanspraak kunnen maken op middelen als zij voldoen aan de Europese begrotingsafspraken en prudent economisch beleid voeren, bijvoorbeeld rond pensioenleeftijd, beheersing van zorguitgaven en inrichting van de arbeids- en woningmarkt. Daarnaast moeten instituties, zoals de belastinginning en het kadaster op orde zijn. Om te zorgen dat het geld ook daadwerkelijk wordt uitgegeven zoals bedoeld, wil D66 een betere focus in de uitgaven en strengere voorwaarden aan het subsidiebeleid. Die voorwaarden zijn niet alleen financieel, maar gaan ook over rechtsstaat en democratie. De naleving van deze waarden is voor ons een voorwaarde bij de toekenning van Europese middelen.

Naast het naleven van de begrotingsafspraken willen wij het respecteren van Europese waarden dus voorwaardelijk maken aan het ontvangen van Europese financiële steun en deze koppelen aan het begrotingskader van de EU. Landen die stelselmatig de Europese afspraken ondergraven kunnen niet rekenen op financiële solidariteit.

 

Meer democratie en transparantie

 

De komende jaren moet er veel aandacht uitgaan naar het vergroten van de democratische legitimiteit en transparantie van besluitvorming in de eurozone. Door de informele status van de Eurogroep is er weinig openbare informatie en is de besluitvorming nauwelijks beïnvloedbaar vooraf. Ministers van lidstaten maken besluiten op Europese schaal en leggen alleen achteraf – en individueel – verantwoording af aan hun eigen nationale parlementen. Wij willen dat de eurogroep
een formele status krijgt, met vastgelegde procedures en een vaste voorzitter. Het is daarbij niet de bedoeling dat de eurogroep politieker wordt, maar wel dat er meer openbaarheid komt over de besluitvorming. De verantwoordelijke eurocommissaris(sen) en de vaste voorzitter van de eurogroep leggen tevens verantwoording af aan de eurozone-leden van het Europees Parlement.

 

Toekomstgerichte begroting

 

Europa staat voor vrede, veiligheid en welvaart. Om deze zekerheden in de toekomst beter te waarborgen, moet de EU daar ook financieel op sturen. Europees geld moet worden uitgegeven aan de gezamenlijk, democratisch vastgestelde doelen. De effectiviteit van de Europese uitgaven moet
fors omhoog. Elke euro moet raak zijn. Projecten moeten geld zoeken in plaats van andersom. Programma’s die geen concreet resultaat opleveren dienen snel aangepast of gestopt te worden. Tegelijkertijd moet de EU-begroting de flexibiliteit krijgen om mee te bewegen met veranderende prioriteiten.

Voor D66 zijn de Europese prioriteiten de ontwikkeling van kennis, duurzaamheid, digitalisering, rechtsstaat, veiligheid, de positionering van de EU in de wereld alsmede in het asiel en migratiebeleid. Hier moeten ook de grootste geldstromen naar toe. De huidige omvangrijke uitgaven aan regionaal- en landbouwbeleid passen hier niet in hun huidige vorm niet meer bij. Deze uitgaven moeten gekoppeld worden aan de klimaatdoelstellingen, stimulering van biodiversiteit, en landen-specifieke aanbevelingen.

 

Flexibel begroten

 

De wereld is continu in beweging. De Europese begroting moet zich daarop kunnen aanpassen. Wij willen af van de systematiek waarin budgetten voor zeven jaar worden vastgelegd. Uiteindelijk zien we het liefst dat hier een jaarlijkse begroting voor in de plaats komt, maar een begrotingskader voor vijf jaar zou een goede stap in die richting zijn. Er is dan een logische koppeling met de zittingsduur van het Europees Parlement. Daarnaast moet er binnen dit vijfjarig kader meer ruimte komen om de uitgaven binnen de bestaande begrotingskaders te verschuiven. Op dit moment kan slechts 0,03% van het budget flexibel worden ingezet. D66 pleit voor minimaal 5% flexibele ruimte. Het kader moet prestatiegerichter worden, met een focus op structurele hervormingen in de landen die het nodig hebben. Daar profiteren we allemaal van; ook Nederland als nettobetaler krijgt macro-economisch gezien nog steeds meer geld uit de Europese Unie terug dan dat het bijdraagt. De Nederlandse export profiteert namelijk ook sterk van de groei van economieёn in bijvoorbeeld Oost-Europa.

Zoals gezegd willen wij een betere focus in de uitgaven en strengere voorwaarden aan het subsidiebeleid. Daarnaast willen we dat Europese uitgaven beter worden gecontroleerd en dat alle landen, net zoals Nederland, een lidstaatverklaring opstellen om zich te verantwoorden over de besteding van Europees geld in hun land. Daarvoor zijn eenvoudigere regels en meer technische bijstand vanuit de EU noodzakelijk.

 

Directe financiering

 

Voor D66 ligt het fiscaal beleid primair bij de lidstaten, maar als Europa meer bevoegdheden krijgt op bepaalde terreinen dan is het logischer om op die terreinen te kiezen voor een meer directe financiering van de EU-begroting. Daarmee wordt de EU minder afhankelijk van nationale afdrachten.
Ook valt na de Brexit een belangrijke contributie weg. Aangezien dit verlies niet volledig kan worden opgevangen met bezuinigingen, zien wij een verhoging van eigen inkomsten door Europese belasting als een goede vervanger, bijvoorbeeld op het gebruik van fossiele brandstoffen of de uitstoot van CO2. Ook inkomsten uit de veiling van CO2-rechten en belasting op plastic kunnen hiervoor worden
gebruikt. Door dit soort belastingen op Europees niveau te regelen, voorkomen we dat bedrijven vervuilende activiteiten naar een ander EU-land verplaatsen als een lidstaat dit individueel zou invoeren.

 

Minder concurrentie op belastingen

 

Naast deze Europese belastingen willen wij ook een betere coördinatie van nationale belastingen, zoals de vennootschapsbelasting. Op die manier stoppen we de race naar de bodem waarin landen keer op keer hun effectieve belastingtarieven verlagen om een aantrekkelijk vestigingsklimaat te bieden. Daarom willen wij dat alle EU-landen dezelfde grondslag hanteren voor de vennootschapsbelasting en dat er een Europees minimumtarief komt.

Tenslotte willen we dat in alle landen een verdere verschuiving van belasting op arbeid plaatsvindt naar belasting op vervuiling, vermogen en verbruik van natuurlijke bronnen.

 

Belastingvlucht bedrijven aanpakken

 

In een sociaal Europa betaalt een multinational, net als een de ondernemer op de hoek, zijn eerlijke deel aan belasting. Dat moet zeker ook gelden voor bedrijven die online geld verdienen met advertenties of het gebruik van persoonsgegevens of andere data. Nu zijn internationale belastingafspraken nog te ouderwets en gericht op bakstenen bedrijven. Daardoor betalen onlinebedrijven te weinig belasting op de plek waar waarde wordt toegevoegd. Een Europese tijdelijke belasting op digitale diensten geldt als opstap om ook met andere landen te werken aan internationale belastingregels die klaar zijn voor het digitale tijdperk.

Belastingontwijking en -ontduiking pakken we samen aan. D66 wil dat Nederland de fundamentele koerswijziging doorzet en samen met andere landen werkt om brievenbusfirma’s tegen te gaan en verschillen en concurrentie tussen nationale belastingstelsels te verkleinen. Bijvoorbeeld via het strenger belasten van financiële stromen als rentes, royalties en dividenden naar belastingparadijzen.
Ook blijft D66 zich inzetten voor een Europees minimumtarief voor de winstbelasting.

D66 neemt uw privacy zeer serieus en zal informatie over u op een veilige manier verwerken en gebruiken.

Verkiezingsprogramma D66 Europa
In Europa maken we de toekomst