Steun ons en help Nederland vooruit

Inhoud

Sterke en moderne democratische rechtsstaat

Overzicht
Sterke en moderne democratische rechtsstaat

D66 wil dat alle mensen in vrijheid hun eigen leven vorm kunnen geven en hun bijdrage aan de samenleving kunnen leveren. Een sterke democratische rechtsstaat is daarvoor het fundament. Die bewaakt dat de vrijheid van de een eindigt waar de vrijheid van een ander begint. Die rechtsstaat waarborgt de rechten van kwetsbare individuen en beschermt ons allemaal tegen machtsmisbruik of willekeur door de staat. En is een voorwaarde voor de krachtige, open en pluriforme samenleving waar wij naar streven. Wij zijn ervan overtuigd dat een samenleving waar voor iedereen, met al hun verschillen, plaats is ons samen sterker maakt.

De afgelopen vijf jaar zijn onze democratie en rechtsstaat verder onder druk komen te staan. Het ministerie van Veiligheid en Justitie, onder verantwoordelijkheid van de VVD, heeft daar een belangrijk aandeel in gehad. De rechtspraak is minder toegankelijk geworden, terwijl haar financiële problemen toenamen en het functioneren van de hele veiligheidsketen verslechterde. Een fikse koerswijziging en reparatie van aangerichte schade is dan ook hoognodig. Dit vraagt niet alleen om een krachtige bescherming, maar juist ook om versterking van de rechtsstaat, met nog betere checks and balances.

Onze samenleving wordt steeds complexer en verandert steeds sneller. Houden onze democratie en rechtsstaat dit tempo bij? Het vertrouwen van mensen dat hun bestuurders op een goede manier met die veranderingen omgaan, daalt. Om dit tegen te gaan moet politieke macht democratisch gelegitimeerd en controleerbaar zijn. De overheid moet transparant en duidelijk zijn over haar doen en laten. Mensen oprecht betrekken bij het opstellen en uitvoeren van beleid. En de macht hoort geconfronteerd te worden met tegenmacht. Alleen door te luisteren en te presteren kan de politiek beginnen het vertrouwen in de democratie te herstellen.

Dat vraagt om ook ander gedrag van politici. Warrige politieke compromissen, regenteske reflexen, door politici gemaakte valse beloftes en als feit verkochte onwaarheden voeden het cynisme. Net als veel beloven vóór de verkiezingen, om vervolgens na de kabinetsformatie verbaasd te zijn als mensen teleurgesteld de rug toekeren. Of op campagneposters schermen met ferme woorden, om vervolgens op het pluche gebrek aan daadkracht te tonen. Of erger nog: een wetsvoorstel in de Tweede Kamer steunen, maar niet dapper genoeg zijn om die keuze ook op straat te verdedigen. En gebrek aan integriteit, of zelfs corruptie, zijn niet alleen schadelijk als incident, maar schaden het vertrouwen in de hele rechtsstaat.

Daarom streeft D66 al vijftig jaar naar vernieuwing van de politieke instellingen en spelregels, met meer invloed voor mensen, zodat we het vertrouwen van burgers in de democratische rechtsstaat herstellen. Want vertrouwen krijg je door vertrouwen te geven. Zorgen dat de overheid met haar tijd mee gaat, terwijl de tijdloze uitgangspunten van de rechtsstaat in stand blijven. Daarmee staan we lijnrecht tegenover het populisme en de intolerantie die helaas vaste voet aan de grond hebben gekregen.

Vrijheid, democratie en recht vereisen veiligheid. Volledige veiligheid bestaat niet, maar zonder voldoende veiligheid bestaat de rechtsstaat niet. Geweld, georganiseerde criminaliteit en terrorisme zetten de rechtsstaat onder druk. De overheid heeft de verantwoordelijkheid die vrijheid te waarborgen en deze bedreigingen te bestrijden. Het heeft geen zin ons over te geven aan de angst. Politici kunnen beter kalm blijven en samen met politie, inlichtingendiensten, gemeenten en anderen doen wat het beste werkt. Zonder hun eigen principes en onze vrijheden op te offeren. Dat begint met preventie en gaat gepaard met succesvolle opsporing en vervolging, bestraffing en re-integratie en dat alles binnen de hoogste staat van rechtsstatelijkheid. Alleen zo behouden we een krachtige samenleving die vrijheid in verbondenheid waarborgt.

 

Preventie waar het kan, straf waar het nodig is

 

Om te zorgen dat Nederlanders veilig zijn en zich veiliger kunnen voelen, kiest D66 allereerst voor het sociaal-innovatief werken aan veiligheid, bijvoorbeeld door te investeren in gastheren en gastvrouwen die onze rechtsbeginselen uitstralen en door samen ons land schoon, heel en veilig te houden. Daarnaast zetten we in op het tegengaan van schooluitval, voorkomen van schulden en creëren van meer kansen. Vervolgens helpen we mensen en bedrijven bij wat zij zelf kunnen doen om criminelen – ook online – buiten de deur te houden. Wij investeren in sterke wijkteams en wijkagenten, die de ogen en oren van de politie op straat zijn en een belangrijke preventieve werking kunnen hebben. Straf is een kernonderdeel van een effectief rechtssysteem, ter voorkoming van herhaling, ter vergelding, maar ook als afschrikking voor anderen. Hierbij hoort de reclassering een prominente rol te vervullen als het gaat om toezicht en begeleiding om veroordeelden terug de samenleving in te helpen. Onderwijs en werk tijdens detentie dragen bij aan een kansrijke terugkeer. Vergoeding van schade door daders is de regel. In geval van straf bij jeugdigen wordt jeugdzorg direct ingeschakeld. Voor levenslang gestraften komt er na 25 jaar een tussentijdse rechterlijke toets, zodat perspectief op een tweede kans ontstaat. Rechters moeten de mogelijkheid hebben om een taakstraf of elektronische detentie op te kunnen leggen, als alternatief voor (voorwaardelijke) gevangenisstraffen. De taakstrafbeperking wordt geschrapt.

 

Iedereen verdient een tweede kans, ook op werk

 

De Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) wordt steeds belangrijker bij het verkrijgen van een baan. Dat vraagt om maatwerk bij afgifte om ervoor te zorgen dat de juiste mensen worden geweigerd en tegelijkertijd te voorkomen dat mensen te moeilijk aan een baan komen. D66 wil niet dat een VOG geweigerd kan worden enkel en alleen op basis van politiecontact of een verdenking. In Nederland zijn mensen onschuldig tot het tegendeel voor de rechter bewezen is. Te ruime eisen voor het afgeven van een VOG verkleinen de kansen van mensen op een baan. Met name van jongeren die in aanraking zijn gekomen met de politie. Dat is voor ons volstrekt onacceptabel. D66 vindt dat bij de huidige VOG-regeling juist nauwkeuriger gekeken moet worden naar de functie waarvoor de VOG wordt aangevraagd en het strafblad dat een persoon heeft, zodat een weigering nauwkeuriger kan plaatsvinden. Daarnaast zou de reclassering vaker betrokken moet worden bij de afweging of personen met een strafblad wel of niet in aanmerking komen voor een VOG. Een afwijzing van een VOG wordt duidelijk en in heldere taal gemotiveerd.

 

Pakkans verhogen om criminaliteit te verminderen

 

Om misdaad minder aantrekkelijk te maken, moet de pakkans voor daders flink omhoog. Het is voor ons onacceptabel dat nog altijd bij slechts een kwart van de misdrijven een verdachte voor de rechter wordt gebracht. Daarom wil D66 investeren in effectievere opsporing, bijvoorbeeld door betere informatie-uitwisseling tussen wijkagenten en rechercheurs en tussen overheidsinstanties, door het opleiden van gespecialiseerde rechercheurs die minstens net zo goed zijn als hackers en fraudeurs en door bredere terugkoppeling op hun functioneren. Slachtoffers moeten daarnaast goede begeleiding of zorg krijgen als dat nodig is en we moeten ervoor zorgen dat slachtoffers in meer gevallen bereid zijn aangifte te doen. De politie moet ook beter gebruik (kunnen) maken van openbaar beschikbare informatie, zoals op sociale media en open data. Bovendien blijven moderne instrumenten voor het snel verwerken van grote hoeveelheden digitale informatie nu onbenut en zijn er nog steeds drempels om digitaal aangifte te doen. Daarom heeft de politie state of the art ICT nodig. D66 wil meer aandacht voor gebruik van wetenschappelijke methodes bij de opsporings- en intelligence-onderdelen van de Nationale Politie.

De politie moet intensiever samenwerken met internationale partners, omdat criminelen zich steeds minder van landsgrenzen aantrekken. Binnen de Europese Unie neemt Nederland het voortouw om van vrijblijvende uitwisseling van informatie over te schakelen naar een structureel en gestroomlijnd systeem om zware criminaliteit, zoals mensenhandel, effectief te bestrijden. Tevens wil D66 voortbouwen op de vorming van de Nationale Politie door, naast de specialisatie rond de meest complexe criminaliteit, burgemeesters meer ruimte te geven om lokale accenten en prioriteiten vast te stellen. Meer diversiteit binnen de politie is noodzakelijk om het politiekorps een meer realistische afspiegeling van de samenleving te laten zijn, zodat zij hun werk beter kunnen doen. D66 verzet zich fel tegen etnisch profileren: dit werkt stigmatiserend en heeft geen bewezen invloed op de pakkans van eventuele daders. Om te voorkomen dat vooroordelen een grote rol spelen in het politiewerk vragen we van agenten om aan te geven waarom ze iemand staande houden.

 

Mensenhandel

 

De huidige aanpak van mensenhandel pakt het probleem niet bij de wortel aan: de grote netwerken van mensenhandelaren blijven onaangetast. D66 wil dat de recherche voldoende middelen heeft om ook deze complexe zaken op te pakken. Samenwerking op Europees niveau is daarvoor noodzakelijk, aangezien mensenhandel een grensoverschrijdend probleem is, gedreven door internationaal opererende criminele netwerken. In Nederland wil D66 voldoende behandelcentra voor slachtoffers van mensenhandel, waar gezondheidszorg aanwezig is, slachtoffers begeleid worden bij het doen van aangifte en, wanneer zij illegaal in Nederland verblijven, bij het starten van een eventuele asielprocedure of bij het terugkeren naar het land van herkomst.

 

Prostitutie

 

D66 maakt een duidelijk onderscheid tussen prostitutie en mensenhandel. Hoewel de meeste slachtoffers van mensenhandel nog steeds in de prostitutie terechtkomen, zijn niet alle sekswerkers slachtoffers van mensenhandel en heeft niet alle mensenhandel betrekking op de seksbranche. D66 is voorstander van een goed gereguleerde seksbranche en verzet zich daarom tegen verdere criminalisering van de sector, zoals een pooierverbod of strafbaarstelling van de klant. D66 is voorstander van het uniforme vergunningstelsel. Ook voor sekswerkers moeten zoveel mogelijk vaste, gelijke arbeidsvoorwaarden bestaan. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt allereerst bij de exploitant. Door versterking van de sociale positie van sekswerkers wordt het maatschappelijk stigma op het beroep tegengegaan. Laagdrempelige toegang tot (overheids-)instanties is hiervoor noodzakelijk. D66 is tegen de leeftijdsverhoging naar 21 jaar om werkzaam te kunnen zijn als sekswerker. Het is belangrijker dat juist de kwetsbare groep jonge sekswerkers in het zicht blijft van instanties en niet gedwongen in de illegaliteit belandt.

 

Terrorismebestrijding

 

Terroristische netwerken vormen een serieuze bedreiging voor de stabiliteit van onze samenleving. Deze dreiging kunnen onze inlichtingen- en veiligheidsdiensten alleen tegengaan in samenwerking met hun Europese collega’s. Om versnippering tegen te gaan is betere coördinatie op Europees niveau noodzakelijk. Nu horen we nog te vaak na een aanslag dat de benodigde informatie over de daders er wel was, maar niet op de juiste plek. Om terrorisme effectief te bestrijden zijn strafrechtelijke maatregelen soms noodzakelijk. Cruciaal is bovendien dat signalen van radicalisering vroegtijdig worden opgemerkt en opgepakt door nauwe samenwerking tussen politie, gemeente, scholen, religieuze instellingen en anderen. Vervolgens wordt contact gezocht met de omgeving van verdachten om te proberen verdere radicalisering te voorkomen. Extremisme is vaak een voedingsbodem voor terrorisme. Daarom moeten wijkagenten en welzijnswerkers in gesprek blijven met mensen die zich aansluiten bij extreme organisaties. Dat kan niet als we die organisaties verbieden. Het denken van salafisten staat mijlenver verwijderd van het D66 gedachtegoed. Maar wij zullen individuen altijd beoordelen op hun daden en niet groepen wegzetten op hun gedachten. We trekken een grens als individuen uit die organisaties haatzaaien of geweld gebruiken. Ook is er geen ruimte voor het aanwakkeren van antisemitisme of homohaat. We zijn daarnaast fel gekant tegen ongewenste buitenlandse invloeden en pleiten daarom voor verplichte transparantie van religieuze instellingen over hun financieringsbronnen.

 

Versterk de rechtsstaat die ons beschermt

 

De bestrijding van criminaliteit en terrorisme moet plaatsvinden binnen een sterke en weerbare rechtsstaat die onze grondrechten beschermt. D66 verzet zich dan ook hevig tegen politici die deze rechten en vrijheden te gemakkelijk willen inperken. Als de angst regeert, dan winnen de terroristen. De checks and balances binnen onze rechtsstaat zijn de afgelopen jaren op de achtergrond geraakt. Om deze trend te keren, moeten de verantwoordelijkheden voor de handhaving van de openbare orde, opsporing, vervolging en rechtspraak weer gescheiden worden. Onderdeel daarvan is dat de verantwoordelijkheid voor de politie weer bij het ministerie van Binnenlandse Zaken ondergebracht wordt. Ook de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) gaat terug naar BZK, om de politieke verantwoordelijkheid voor het bepalen van het dreigingsbeeld en het nemen van (wettelijke) maatregelen te scheiden.

Daar waar sprake is van uitgebreide bevoegdheden, bijvoorbeeld bij terrorismebestrijding, moet dit hand in hand gaan met stevige waarborgen. Indien nodig achteraf. De rechtspraak moet voor iedereen toegankelijk blijven, onder andere door een adequate rechtsbijstand voor wie deze niet kan betalen. Na de verhogingen van de afgelopen jaren worden de griffierechten verlaagd. Om de toegang, kwaliteit en doorlooptijden van rechtszaken te verbeteren, investeert D66 in de hele justitiële keten. Mediation kan zorgen voor het ontlasten van de rechterlijke macht. Hiermee krijgen mensen de mogelijkheid geschillen onderling op te lossen, als zij dit willen.

D66 bewaakt bovendien het primaat van de rechter. Dit mag niet verder afbrokkelen door schikkingen en OM-afdoeningen die buiten de rechter omgaan. Zonder dat zij zich dit realiseren en zonder een onafhankelijke toets, kunnen jongeren met OM-afdoeningen een strafblad krijgen, wat een belemmering vormt voor bepaalde stages en banen. Daarnaast moet het mogelijk zijn bepaalde OM-beschikkingen aan een voorafgaande rechterlijke toets te onderwerpen. Ten slotte is D66 tegen minimumstraffen, want deze ontnemen rechters de mogelijkheid om per individuele zaak een passende straf op te leggen.

 

Jongeren zo snel mogelijk terug op het goede pad

 

D66 wil dat gevangenisstraffen hoofdzakelijk gebruikt worden als middel om herhaling te voorkomen en om veroordeelde jongeren zo snel mogelijk terug de samenleving in te krijgen. Hiervoor is inhoudelijke kennis essentieel. Een eventuele sluiting van justitiële jeugdinstellingen (JJI’s) dient altijd plaats te vinden op basis van inhoudelijke afwegingen en niet op grond van bedrijfseconomische redenen. De aanwezige specialistische kennis in de jeugdinstellingen moet hierbij doorslaggevend zijn. Op deze manier wordt voorkomen dat essentiële expertise, opgebouwd over een periode van jaren, verloren gaat.

 

Privacy - je eigen persoonlijke domein

 

Vrijheid betekent dat je veilig en onbespied op jezelf en met anderen kunt zijn. Het recht op privacy is niet voor niets een grondrecht van ons allemaal. Door digitalisering en door bedrijven en overheid die steeds meer van ons willen weten en over ons registreren, komt onze privacy onder druk te staan. D66 vindt het ongewenst dat de overheid persoonsgegevens koppelt of analyseert, bijvoorbeeld met het doel bepaalde veiligheidsdoelstellingen te bereiken. Het verzamelen van persoonsgegevens gebeurt vaak zonder dat we ons dat realiseren. D66 wil daarom mensen de macht teruggeven om over hun privégegevens te beschikken zodat we onze privacy zorgvuldiger kunnen beschermen. Door meer bewustwording en door strenge, heldere en uitvoerbare regels die ons beschermen. Daarvoor is het belangrijk dat er een verruiming van het budget komt voor de Autoriteit Persoonsgegevens, zodat zij over voldoende tijd, instrumenten en menskracht beschikt om die regels te handhaven en tegelijkertijd ook als meldpunt of vraagbaak voor overheid, bedrijfsleven, (maatschappelijke) organisaties en consumenten te dienen. De opsporingsdiensten krijgen steeds meer toegang tot onze gegevens. Ook wanneer we geen verdachte zijn. De Autoriteit houdt al toezicht op de politie, maar moet daarnaast ook een stoel krijgen aan tafel bij de CTIVD. Ook de inlichtingendiensten hebben bevoegdheden die raken aan onze privacy. D66 is tegen de maatregelen die het op grote schaal hacken en aftappen van computers van onschuldige personen of ongericht monitoren of opslaan van internetactiviteit of communicatie door de overheid mogelijk maken.

 

Versterken van de democratie

 

Onze democratie staat onder druk. Het vertrouwen van burgers in de overheid en in de politiek kalft af en is op een te laag niveau beland. Dat ondermijnt de legitimiteit maar ook de kwaliteit van het bestuur. Tegelijkertijd vragen de snelle ontwikkelingen van maatschappij, technologie en in de wereld om ons heen, om een overheid die daarop inspeelt en de voorwaarden schept voor het oplossen van problemen en het pakken van kansen. Essentieel daarbij is dat de zeggenschap zoveel mogelijk bij burgers zelf berust, dat maatschappelijke tegenstellingen voldoende worden overbrugd en zo nodig knopen effectief worden doorgehakt. Dit betekent ook dat mensen volop ruimte krijgen zelf initiatief en verantwoordelijkheid te nemen in het publieke of politieke domein.

Dat alles vraagt om vernieuwing van het openbaar bestuur, van de overheid, van de democratie. De overheid moet zich gaan organiseren op de schaal waarop maatschappelijke problemen zich voordoen. Dat is een fundamentele verandering ten opzichte van de huidige situatie; we proberen nu de gaten tussen de traditionele bestuurslagen te dichten met ondemocratische gemeenschappelijke regelingen. D66 staat open voor experimenten met nieuwe manieren van inspraak in het publieke domein, bijvoorbeeld door ons niet te beperken tot geografische grenzen, maar door maatschappelijke opgaven centraal te stellen. Overheden kunnen hierin een rol spelen, net als publieke en private organisaties, zolang de democratische legitimiteit maar geborgd is. We ondersteunen ook landelijke en lokale democratische experimenten, zoals de G1000 en de Democratic Challenge. D66 heeft een lange geschiedenis in het versterken van de medezeggenschap van mensen in het publieke domein. Steeds meer beslissingen over ons leven, van onderwijs tot wonen en pensioen, worden daar genomen. Daarom gaat D66 ook in dit domein door met het versterken van de invloed van mensen. Tot slot wil D66 dat het rijk samen met de andere overheden optrekt om burgerinitiatieven te bevorderen en ondersteunen. Lokale energiecoöperaties, broodfondsen en autodelen geven een gezicht aan ons ideaal van de kracht van mensen onderling.

De analyse van D66 in haar oprichtingsjaren snijdt nog steeds hout. De democratie en het openbaar bestuur zijn aan een grondige renovatie toe. Dus wanneer er voor het eerst gebruik gemaakt wordt van een nieuw instrument als het raadgevend referendum, dan omarmen we dat en leren we ervan. Wij staan niet als de andere partijen -die tijdens de campagne schitterden in afwezigheid- vooraan om te pleiten voor het afdanken van deze vernieuwing.

 

Gekozen bestuurders op alle niveaus

 

D66 wil dat de belangrijkste bestuurders – burgemeester, dijkgraaf, Commissaris van de Koning, minister-president en voorzitter van de Europese Commissie – direct door de bevolking worden gekozen. Deze bestuurders nemen in toenemende mate belangrijke besluiten. Dit maakt een sterkere democratische legitimatie steeds belangrijker. Als kiezers een ‘stem op de macht’ en een ‘stem op de controle van de macht’ kunnen uitbrengen, kunnen zowel de wetgevende als uitvoerende macht hun staatsrechtelijke rol zuiverder uitoefenen. Dit zorgt voor meer duidelijkheid in onze democratie en vergt vervolgens ook aanpassing van hun rol en mandaat. Dit mandaat vereist altijd nauwe samenwerking met de volksvertegenwoordiging aan wie zij verantwoording afleggen. Op gemeentelijk niveau sluiten de zwakke rechtspositie en de formele rol van de burgemeester bijvoorbeeld steeds slechter aan bij de verwachtingen die burgers van de burgemeester hebben. Dit ondermijnt de lokale democratie en bestuurlijke effectiviteit. Het is dan ook hoog tijd voor een breed debat over de rol en de positie van de burgemeester in Nederland en hoe wij willen dat deze verandert in de nabije toekomst.

 

Modern koningschap

 

De koning en zijn familie hebben een verbindende rol in de Nederlandse samenleving. Het draagvlak daarvoor blijft behouden door sober te zijn waar het moet en koninklijk waar het kan. De afgelopen jaren zijn daarin al goede stappen gezet. De begroting van de koning is inzichtelijker en de koning heeft geen rol meer in de kabinetsformatie. Maar er is meer nodig. Zo hoort de koning als neutraal en verbindend figuur geen onderdeel te zijn van de regering noch van de Raad van State. Ondertekening van wetten en ‘Koninklijke’ besluiten zijn dan overbodig. De koning regeert wat D66 betreft niet langer ‘bij de gratie Gods’.

De bijzondere strafbaarstelling voor majesteitsschennis is een onacceptabele inbreuk op de vrijheid van meningsuiting en moet verdwijnen. D66 heeft daartoe al een wetsvoorstel ingediend. Ook op andere vlakken moet de koning niet anders behandeld worden dan andere Nederlanders. Het uitgangspunt is dan ook dat hij gewoon belasting en sociale premies betaalt. Uiteindelijk moeten de Koninklijke inkomens vastgesteld worden met inachtneming van het geldend wettelijk kader voor de normering van topinkomens. Ook de overige vergoedingen op grond van de Wet financieel statuut koninklijk huis worden dan tegen het licht gehouden

 

Democratische vernieuwing

 

Een volwaardige democratie betekent meer dan eens in de vier jaar stemmen. De democratie geven wij, alle Nederlanders, dagelijks vorm. We kunnen meer doen om iedereen aan de democratie deel te laten nemen; politiek en burgers moeten elkaar veel beter leren vinden. Wij willen dat er meer structurele aandacht komt voor democratisch burgerschap op school, en ook in de wijk, speeltuin, sportvereniging en buurthuis. Kennis over de werking van democratische instituties en mensenrechten is in een democratie onmisbaar voor volwaardig participatie. Ook gaat het om het ontwikkelen van vaardigheden hoe je op een democratische manier je stem kunt laten horen en conflicten kunt oplossen in onze samenleving. Een goed voorbeeld hiervan is de Vreedzame School in Utrecht die zich in een breed programma niet alleen richt op de school maar expliciet ook op de wereld daar omheen.

De democratie is één van onze meest kostbare bezittingen en schreeuwt om nieuwe energie en bredere betrokkenheid. Juist de afgelopen jaren zien we door de inzet van betrokken vrijwilligers een grote opkomst van bewonersinitiatieven en burgertoppen. De participatieve en deliberatieve democratie zijn in opkomst en verdienen ruim baan van de rijksoverheid en andere overheden. Er moet volop geëxperimenteerd worden met democratische vernieuwing in de breedste zin. Waar regels in de weg zitten, moeten we deze (tijdelijk) afschaffen. Het uitdaagrecht (Right to Challenge) en andere buurtrechten, mogelijkheden voor burgerbegrotingen – zoals bijvoorbeeld in Breda gebeurt – en lokale experimenten waar met loting wordt gewerkt, krijgen onze steun. Hierbij kijken wij telkens wat juridisch geregeld moet worden en welke elementen gaan over het veranderen van houding en gedrag van de overheid en de politiek. Bewonersinitiatieven en de G1000-beweging kunnen de democratie versterken en verrijken.

Voor D66 blijft de representatieve democratie daarnaast onverminderd van belang om democratische waarden zoals het algemeen belang, transparantie en inclusiviteit te waarborgen. Ook deze vorm van democratie heeft behoefte aan nieuwe impulsen. Graag zien wij de Staatscommissie die zich gaat bezighouden met de toekomst van het landelijke politieke stelsel komen met enkele concrete voorstellen. De angst voor verandering moet de Staten-Generaal er niet van weerhouden ook kritisch in de spiegel te kijken en open te staan voor innovatie.

 

Krachtige decentrale overheid en democratie

 

Het Nederlandse decentrale bestuur functioneert doorgaans goed, maar het kan beter. Bestuurders en volksvertegenwoordigers in gemeenten en provincies zijn zichtbaar op zoek naar een nieuwe rol. D66 speelt daarbij vaak, zoals in Utrecht, Leiden en Hilversum, een voortrekkersrol door ruimte te bieden voor maatschappelijke initiatieven en nieuwe vormen van burgerparticipatie op allerlei niveaus van de samenleving. Door de decentralisatie van taken, herschikking van verantwoordelijkheden binnen het openbaar bestuur en maatschappelijke veranderingen worden andere eisen aan decentraal bestuur gesteld. Hiermee ontstaan nieuwe uitdagingen aan de democratie, waarop de bestaande praktijk onvoldoende antwoord biedt. De rijksoverheid moet ruimte creëren, middelen ter beschikking stellen en mechanismen ontwikkelen om experimenten op het gebied van bestuurlijke vernieuwing en participatieve democratie mogelijk te maken en systematisch te evalueren. Er zijn echter ook institutionele hervormingen, zoals de gekozen burgemeester, afschaffing van geborgde zetels in de waterschappen en correctieve referenda, nodig om in de toekomst voor voldoende zeggenschap van mensen in onze formele democratie te zorgen.

Daarbij moet het probleemoplossend en besluitvormend vermogen van het decentraal bestuur beter. Veel sociale, economische en ruimtelijke ontwikkelingen vinden plaats op een grotere schaal dan de gemeente, in de regio. Dat is ook te zien bij maatschappelijke organisaties en bedrijven op het terrein van zorg, welzijn en onderwijs die steeds vaker regionaal opereren. De decentralisaties in bijvoorbeeld zorg en jeugdhulp dragen hier aan bij. Veel, voornamelijk kleinere, gemeenten zijn sterk afhankelijk geworden van regionale samenwerkingsverbanden op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). De meeste van deze regionale regelingen staan op te grote afstand van de gemeenteraden en hebben onvoldoende bestuurlijke en democratische inbedding en politieke controle. Terwijl regionale samenwerking te vaak te weinig bestuurskracht en te veel bestuurlijke drukte oplevert. Juist voor deze taken, die de directe levenssfeer van mensen raken, is dat kwalijk. D66 wil daarom dat de beleidsrijke taken van deze regionale samenwerkingsverbanden worden behartigd door echte decentrale overheden met een eigen direct gekozen volksvertegenwoordiging. De betrokken gemeenten moeten daarom fuseren tot een omvang die beter aansluit bij hun maatschappelijke opgaven en taken. Dat dit voordelen oplevert wordt gesteund door de toegenomen tevredenheid over gemeentelijke diensten van burgers in fusiegemeenten. Gemeenten moeten de ruimte krijgen zelf fusiepartners te kiezen. D66 wil dat als een voormalige fusiegemeente een nieuwe fusie aangaat, de bewoners van de oorspronkelijke kernen zich kunnen uitspreken voor verschillende voorkeurspartners. In sommige gebieden kunnen we ons ook voorstellen dat daarbij voor de schaal van de huidige provincie wordt gekozen. Gemeenten kunnen zelf bepalen of zij taken willen uitoefenen op het niveau van de huidige bestaande gemeenten, stadsdelen of wijken. Daarmee kan ook worden gewaarborgd dat de overheid dichtbij mensen aanwezig en herkenbaar blijft. Ten slotte zijn niet alle opgaven in één schaal te vangen. Ook grotere gemeenten zullen er niet aan ontkomen om voor sommige taken in interregionaal verband samen te werken. D66 wil dat bovengemeentelijke regelingen altijd vergezeld gaan van duidelijke voorwaarden voor politieke verantwoording. Elke betrokken gemeenteraad moet zijn controlerende rol goed kunnen vervullen met een mogelijkheid om in te grijpen. Vanuit deze ontwikkelingen ontstaan verschillen tussen gemeenten. D66 verwelkomt deze verschillen als toegenomen maatwerk.

 

Ruimte voor stad en regio

 

De afgelopen decennia hebben ons geleerd dat alle vormen van blauwdrukdenken om het provinciaal bestuur te hervormen gedoemd zijn te mislukken. Ze blijken politiek onhaalbaar of houden te weinig rekening met de regionale verschillen in ons land. We moeten erkennen dat de bestuurlijke vraagstukken in Nederland niet overal van dezelfde orde zijn. Om die reden durven we te kiezen voor differentiatie, voor meer flexibiliteit, voor meer maatwerk. Steden zijn daarbij vaak de motor voor de versterking van de concurrentie- en innovatiekracht van Nederland. Internationaal zien we ook dat de concurrentie juist plaatsvindt tussen die stedelijke regio’s. Steden moeten de ruimte krijgen hun rol goed te vervullen. Deze stedelijke regio’s moeten daarom de mogelijkheid krijgen taken van de provincie over te nemen, en ‘provincievrij’ te worden. Via deze weg ontstaat zo in de komende jaren perspectief op een binnenlands bestuur met slechts twee bestuurslagen, de landelijke en de gemeentelijke.

 

Sterke steden en regio’s

 

In veel van de in dit verkiezingsprogramma gemaakte keuzes, staan steden en omliggende regio’s centraal. Centraal in het uitwerken van maatregelen en met autonomie om maatwerk te leveren. Om zorg, onderwijs, sport en welzijn aan elkaar te verbinden of school, onderzoek, bedrijfsleven, ondernemers en infrastructuur. Steden kunnen de motor zijn van het concurrentie- en innovatievermogen van Nederland. D66 kiest voor sterke steden, door ruimte te geven voor experimenten en het innovatiebeleid meer te richten op de stedelijke clusters en netwerken en door de infrastructurele verbindingen tussen en binnen steden te verbeteren.

Steden staan daarbij ook voor grote maatschappelijke opgaven. Steden bieden kansen, maar kampen ook met grote ongelijkheid en tweedeling. Ook om die problemen te bestrijden hebben steden ruimte nodig. De participatiewet moet steden de ruimte bieden om maatwerk te leveren. Sociaal ondernemen moet makkelijker worden gemaakt. Discriminatie op de arbeidsmarkt moet met kracht worden bestreden. Wetgeving moet worden aangepast, zodat zorgverzekeraars armoede kunnen voorkomen en schulden oplossen. D66 wil dat het nieuwe kabinet binnen een jaar samenwerkingsafspraken maakt met steden. Die afspraken gaan over verdere decentralisatie in het sociale domein, de zeggenschap over de inzet van politie en wijkagenten, de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad, het stimuleren van innovatie, de verbetering van de financiële positie van steden en tenslotte over experimenteerruimte voor steden om oplossingen te kunnen ontwikkelen voor de problemen van hun inwoners. Steden moeten de ruimte krijgen die maatregelen te nemen die nodig zijn ter verbetering van de stedelijke luchtkwaliteit en gezond woon- en leefklimaat. Naast sterke steden investeert D66 in vitale regio’s. Daarmee speelt D66 krachtig in op de per regio verschillende economische opgaven.

 

Lokaal belastinggebied

 

Wie moet betalen, moet ook kunnen meebepalen. Daarom wil D66 dat gemeenten financieel minder afhankelijk worden van het rijk, via een verschuiving vanuit de inkomstenbelasting naar gemeentelijke belastingen. We zorgen ervoor dat de solidariteit tussen gemeenten onderling in stand blijft. Dat geeft gemeenten meer armslag om eigen keuzes te maken en inwoners meer belang om iets te vinden van die keuzes. Het versterkt de lokale democratie en laat werken meer lonen. Dit draagt bij aan ons ideaal dat mensen zelf meebeslissen over de keuzes die hun levens raken. Op dit moment zijn gemeenten voor hun begroting vooral afhankelijk van de rijksoverheid en wordt geld nodeloos rondgepompt. D66 wil dat de belastingen in totaal niet stijgen en bij voorkeur lager worden, maar dat de financiering van de gemeenten wordt versimpeld met meer mogelijkheden voor de lokale democratie. Dit maakt het voor mensen inzichtelijker waar hun belastinggeld naartoe gaat. Zo kunnen zij gemeentebestuurders gerichter om verantwoording vragen, zodat ook hier een beter democratisch debat over ontstaat. De noodzakelijke financiële zekerheid wordt geboden door middel van langjarige en transparante financiële afspraken tussen rijk en decentrale overheid, waarbij gemeenten inzicht krijgen in de verwachte financiële effecten van de rijksbegroting voor de gemeentebegroting.

 

Betere democratische controle

 

D66 wil de democratische controle versterken. Overheidsbeleid en wetgeving worden steeds ingewikkelder en technischer van aard en wijzigingen volgen elkaar steeds sneller op. Een werkende democratie vereist volksvertegenwoordigers die een sterke band hebben met hun kiezers en over adequate middelen beschikken om hun controlerende taak daadwerkelijk uit te oefenen.

Voor Europese besluiten betekent dit dat de Tweede Kamer zich proactief informeert en in een vroeg stadium haar invloed aanwendt in plaats van te wachten tot ze alleen maar ja of nee kan zeggen. Het parlement moet ook meer eigen ondersteuning krijgen en eenvoudiger toegang krijgen tot ambtenaren als zij feitelijke informatie wil hebben. Gemeenteraden hebben een grotere verantwoordelijkheid gekregen en moeten daarom ook beter ondersteund worden. Voor effectieve democratische controle is onafhankelijke (onderzoeks)journalistiek op elk bestuursniveau cruciaal. Het is een publieke taak te waarborgen dat deze er is.

D66 wil de democratische controle moderniseren. Rechters moeten de bevoegdheid krijgen om wetten te toetsen aan de Grondwet, zodat de controle op de macht beter gespreid is en individuele rechten beter beschermd zijn. Als deze zogenaamde constitutionele toetsing is ingevoerd met waarborgen voor de zorgvuldigheid van wetgeving, kan de indirect gekozen Eerste Kamer worden afgeschaft. Daarnaast wil D66 dat de bevolking als noodrem de mogelijkheid krijgt om met een correctief bindend referendum wetsvoorstellen tegen te houden, nadat het parlement deze heeft aangenomen. Dit correctief bindend referendum omvat geen internationale verdragen. Tijdens de campagne voor het referendum heeft D66 zich volop ingezet vóór het Associatieverdrag met Oekraïne. Na de ‘nee’-stem kan Nederland het Verdrag zoals dit er nu ligt echter niet ratificeren. Ook de zware procedure om de Grondwet te wijzigen wil D66 aanpassen, zodat wijzigingen sneller en democratischer kunnen plaatsvinden.

In ons politieke stelsel zijn partijen van groot belang. Zij dragen zorg voor ontwikkeling van gedachtegoed, talent en de voortdurende uitwisseling van ideeën met de samenleving. Het is een publiek belang dat zij deze rol naar behoren kunnen vervullen zonder dat dit een belemmering mag vormen voor de komst van nieuwe partijen of het verdwijnen van partijen die door de tijd zijn ingehaald.

 

Een open overheid

 

D66 wil de overheid toegankelijker en transparanter maken voor mensen en bedrijven. Dat begint met overheidscommunicatie die voor iedereen te begrijpen is en het contact met ambtenaren persoonlijker maakt. We voeren de Wet open overheid in, zodat voor bepaalde categorieën overheidsinformatie actieve openbaarmaking en voor de rest het beginsel van publieke toegang de norm wordt. Ook komt er een informatiecommissaris om toe te zien op de implementatie van deze wet en verdere juridisering bij verzoeken om informatie te voorkomen. In lijn hiermee ratificeert Nederland het Verdrag van Tromsø. Ten slotte wil D66 dat de overheid via de website wiekrijgtmijngegevens.nl duidelijk inzicht verschaft aan wie en met welke reden persoonsgegevens zijn verstrekt.

 

Een betrouwbare overheid

 

Nederland snakt naar publiek leiderschap. De overheid moet duidelijk zijn over wat zij doet en niet doet. Wanneer stelt en handhaaft de overheid enkel kaders, wanneer jaagt zij ontwikkelingen aan en wanneer neemt zij zelf de uitvoering ter hand. Politici moeten aanspreekbaar en afrekenbaar zijn. Een jaarlijkse Verantwoordingsdag draagt daar aan bij. Bij een betrouwbare overheid staat ook integriteit hoog in het vaandel. Bewindspersonen maken hun zakelijke en financiële belangen openbaar om de schijn van belangenverstrengeling te vermijden. Voor Tweede Kamerleden en ministers gaat bovendien een wachtperiode gelden voor het aannemen van banen bij bedrijven die gerelateerd zijn aan een beleidsterrein waar zij verantwoordelijk voor waren. Helderheid over de financiering van politieke partijen is een voorwaarde voor vertrouwen. Bij de financiering van politieke partijen zorgen we dat ook bijdragen via aan een partij gelieerde stichtingen en donaties uit het buitenland openbaar worden gemaakt.

 

Normaliseren regels voor ambtenaren

 

D66 wil dat werknemers bij bedrijven en de overheid gelijk behandeld worden. Dit stimuleert de doorstroom tussen publieke en private banen. Dat bevordert wederzijds begrip en maakt het eenvoudiger een gezonde leeftijdsopbouw van werknemers bij de overheid te bewaken. Daarom moeten we de rechtspositie van ambtenaren normaliseren.

 

Koninkrijksrelaties

 

D66 pleit voor een wederzijds constructieve samenwerking met Caribisch Nederland en de autonome landen binnen ons Koninkrijk vanuit een besef van onze historische verbondenheid en met waardering voor elkaars verschillen. Aan beide kanten van de oceaan wordt te vaak gewezen op wat ons verdeelt, in plaats van op wat ons bindt. De tijd van verwijten over en weer is wat D66 betreft voorbij en de tijd van werken aan een gezamenlijke toekomst gekomen. We zijn immers allemaal inwoners van één Koninkrijk. Daarbij beseffen we dat het instabiele Venezuela het grootste buurland van het Koninkrijk is, met alle veiligheidsvragen van dien. Met de nieuwe structuur die in 2010 is ingevoerd, is het zinvol het meer dan zestig jaar oude Statuut te moderniseren. Daartoe zal een Koninkrijkscommissie worden ingesteld.

 

Caribisch Nederland

 

Sinds 2010 ligt Nederland niet alleen in Europa, maar ook in de Caribische Zee. Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn evengoed onderdeel van Nederland als bijvoorbeeld de Waddeneilanden. Met deze vernieuwing zijn stappen vooruit gezet, maar we zijn er nog lang niet. D66 wil daarom een agenda voor inclusieve economische groei en maatschappelijke ontwikkeling voor Caribisch Nederland. We investeren onder andere in onderwijs, infrastructuur en economie. Bij het beleid voor Caribisch Nederland streven we naar gelijkwaardigheid met Europees Nederland, waarbij we steeds rekening houden met de grote afstand en de geringe omvang van de eilanden. Ten slotte maken we een einde aan onduidelijkheid, verspilling en versnippering door één ministerie hoofdverantwoordelijk te maken voor Caribisch Nederland en de mogelijkheid te geven knopen door te hakken.

 

De autonome landen

 

Met Aruba, Sint Maarten en Curaçao wil D66 een goede samenwerking, gebaseerd op respect voor elkaars verantwoordelijkheden binnen het Koninkrijk en een open houding voor elkaars standpunten. De economische verbinding die de eilanden met Latijns-Amerika vormen kan veel meer benut worden. En D66 ziet potentie in de natuurlijke rijkdommen van het Koninkrijk, zoals energie uit zon, wind en water in plaats van vervuilende raffinaderijen, zoals ISLA, waar een finale oplossing voor gevonden moet worden. Ook de inwoners van de autonome landen binnen het Koninkrijk hebben een Nederlands paspoort, met de rechten en plichten die daarbij horen; daar kan niet zomaar aan getornd worden. We werken aan een vermindering van het democratisch tekort binnen het Koninkrijk, bijvoorbeeld door alle parlementen de mogelijkheid te geven de Koninkrijksregering te bevragen. Ook komt er een geschillenregeling en een onafhankelijke instantie die, indien nodig, uitspraak kan doen om meningsverschillen over Caribisch Nederland te beslechten.

Verkiezingsprogramma 2017-2021